Pinnacle wandeling

Pinnacle wandeling

donderdag 10 april 2014

Pasen, bijna dan

Deze vroege paasvakantie hebben wij besloten om naar Australie te gaan. Weliswaar een beetje off-season voor de staat Victoria, maar we gaan niet voor het mooie weer. We willen de Great Ocean Road rijden, naar de Grampians en afsluitend naar Melbourne. En omdat we in Singapore het permanent erg heet hebben, pak ik vooral veel warme kleren in. Het weer kan in deze regio onvoorspelbaar en koud zijn. Niet wanneer wij er zijn. Het wordt een exceptioneel warme start van april. Geen punt, we trekken onze ene korte broek gewoon wat vaker aan.

Het begint gelijk al goed. Een super leuke lodge op een boerderij. Onze stadskinderen klauteren nog wel in de stoere speeltuin, maar de dieren (geiten, paarden, koeien en vooral de honden) krijgen weinig aandacht. Wel zien we dan eindelijk ook echte levende kangoeroes. Tijdens onze vakantie naar Perth en Margaret River vorig jaar hebben we alleen dode kangoeroes gezien. Minder smakelijk zo langs de weg…..


De Great Ocean Road is geweldig mooi en eigenlijk kun je alleen al in de badplaatsjes en het achterland weken doorbrengen. Zulke mooie stranden, spectaculaire rotsen, bossen, watervallen. Geweldige natuur. We slapen in Torquay, Apollo Bay en in Warrnambool. We missen de walvissen, want die zijn er pas vanaf juni, maar zien wel pinguins en koala’s. En nog veel meer kangoeroes. Omdat het warm blijft, zwemmen we zelfs in de oceaan. Heel kort, want zelfs onze bikkel Juliet vindt het te koud, maar toch!

We starten ook met het kamperen. Eindeloos hebben we getwijfeld, wel of niet een camper, maar uiteindelijk besloten een four-wheel-drive en een tent te huren. Het was geen onverdeeld succes. Niet onverwacht, blijken wij mooi-weer-kampeerders te zijn. Juliet zegt dat ze nog nooit zo lekker heeft geslapen, maar Fenne is ‘bang’ in de tent en blijft maar wakker.  We missen een fatsoenlijk matras, maar als we in de tenten van de Aussies gluren, zien we veel comfortabelere ondergronden dan de matjes die wij in ons Britz-huur-pakket hebben zitten. De regen (die toch kwam) en de kou ‘s ochtends vroeg, ontmoedigen ons en voor ons verblijf in Halls Gap (Grampians) regelen we als nog een huisjes op de camping.







Andere lessen die we leren: er zijn veel sfeerloze campings, vooral de grote, maar ook een aantal heel geweldige, midden in de natuur. Australiers kamperen in grote groepen, zijn vaak lawaaiig, maar vanaf 10 uur is het toch altijd stil. En je moet tegen rook kunnen, want iedereen stookt grote vuren. Allemaal verantwoord en ik grote bakken, maar toch, vanaf vroeg op de middag branden er alweer vuurtjes. Een volgende reis doen we wellicht toch weer zo, met een grote auto met tent. Alleen slaan we dan op dag 1 gelijk degelijke luchtbedden in.

Dit was weer onze eerste vakantie in lange tijd dat we niet alles van te voren hadden geregeld. En dat was heerlijk. En ook de meiden konden het prima aan. Lange afstanden zijn daarentegen nog steeds niet aan ze besteed. We moeten dus echt een lag ambitieniveau houden voor het aantal kilometers dat we afleggen. Op zich geen punt. We lezen nu zelfs af en toe een boek op vakantie, overdag!

De Grampians waren ook een topbestemming. Vanaf de veranda van onze cabin uitzicht over een veld met emoes en kangoeroes. De Aussies houden van kangoeroes opjagen helaas. Op de eerste dag komen jongens op brommertjes de beesten irriteren, op de tweede dag kleinere jongens op fietsen. Het komt ietwat dieronvriendelijk over, to say the least, maar het zal wel cultuur zijn.







Hier kwamen de hoge temperaturen weer terug en dachten we zelfs weer aan kamperen, maar we zijn toch in ons comfortabele hutje gebleven. We hebben een prachtige wandeling gemaakt naar de Pinnacle, een van de hoogste punten in dit bergachtige gebied. Met veel aanmoediging lukte het zelfs Fenne om het vol te houden. Al met al zijn we 3 uur onderweg geweest. Het was flink veel klimmen. Over rotsen en smalle paadjes. Maar het uitzicht was schitterend. En we hadden 2 apetrotse kinderen. Zelf waren we trouwens ook best moe….

Nu in Ballarat als laatste tussenstop voor twee dagen Melbourne. Inmiddels is het weer echt omgeslagen en regent het bijna non-stop. Op zoek naar een binnen programma dus. Musea en winkels wat mij betreft!

En ‘s avonds verder dromen boven reisgidsen voor nieuwe avonturen. Nog zo veel moois te zien hier…..


zaterdag 4 januari 2014

December en vakantie blog

Hoewel dit Singapore-blog ondertussen meer een vakantie blog is geworden, betekent het niet dat we alleen maar op vakantie zijn. We zijn wel veel vaker weg dan we in Nederland deden. Er is enorm veel te zien en alles is redelijk dichtbij, maximaal 2 uurtjes vliegen. Er zijn veel budget maatschappijen, dus vliegtickets zijn niet duur. En reizen in de meeste Aziatische landen in de regio is ook niet duur. En elk kort tripje smaakt naar meer……

De 2 schoolweken in December waren enorm druk. Juliet's verjaardag, haar kinderfeestje, sinterklaas, kerstoptreden, kerstdiner. Toen de school op 13 december uitging, was iedereen dan ook behoorlijk uitgeteld.



Kerst is in Singapore niet een feest met een religieus karakter. Maar er wordt wel enorm uitgepakt met extreme kerstversieringen in alle malls, op Changi, langs de belangrijkste straten. Inclusief iedere avond 'echte sneeuw' bij een van de malls. Verder gaat het vooral om de cadeaus. Onze kinderen hebben dat concept inmiddels haarfijn begrepen, maar met een warrig verhaal over sinterklaas en de kerstman hebben we de verwachtingen gelukkig kunnen temperen. Veel auto's reden rond met een Rudolph Reindeer uitrusting. Geweitjes die uit de ramen staken en een rode pompom op de grill. Een merkwaardig, maar grappig gezicht. Vooral op de verschillende porsche cayennes, die ik er ook mee heb gezien.

De overdaad aan dure auto's in Singapore went nooit. Het zijn met recht de heilige koeien van de stad. Daardoor wen je ook niet aan hoe er mee wordt gereden. Zo voorzichtig (door de meerderheid dan). Je krijgt ook nooit het idee dat de bestuurders echt weten hoe groot hun auto's zijn. Ze kunnen er niet mee manoeuvreren en niet mee parkeren. Bij de parkeergarage op het werk moet je niet naar binnen rijden achter een gedistingeerde dame met een audi TT. Hoewel er ruimte genoeg is, en haar auto toch echt niet groot, doet zij er eindeloos over om haar auto in een plekje te krijgen. Zo bang is ze om de auto te beschadigen. De porsches, Aston Martins, duurdere Audi's, Ferrari's, ze hebben allemaal hun eigen favoriete plek, met zo'n laag mogelijk risico op deuren die geraakt worden door andere mindere voorzichtige bewoners.

Maar toen dus vakantie. Eerst 6 dagen in Siem Reap om Angkor Wat te bezoeken en daarna 5 dagen in Hoi An, Vietnam. Het leek heel logisch, want goedkope vlucht, toen ik de tickets boekte. Maar uiteindelijk hebben we ook een vermogen uitgegeven aan visa voor 2 landen. Wat een geldklopperij.

Beide landen smaakten naar meer. Zowel in Cambodja als Vietnam erg vriendelijke mensen, heerlijk eten, veel (straat)cultuur. Zo leuk om in rond te lopen en fietsen. Of in rond te rijden met een tuktuk. Wat een andere wereld dan de cleane Singaporese omgeving. Een cliché, maar waar je geboortegrond is, geeft zo'n totaal andere levensverwachting. Want er is ook veel armoede in deze landen, vooral in Cambodja. En wat een heftige, nog recente, geschiedenis, waar het land uit op krabbelt. Desalniettemin dus overal zoveel vriendelijkheid en optimisme. Het leven wordt beter, daar is iedereen van overtuigd. Het blijft wel een oncomfortabel gevoel geven. Onze relatieve rijkdom versus hun veel beperktere middelen. Er zijn gelukkig veel kleinschalige initiatieven om dorpen, kinderen, jongeren te helpen. Met schoon water, noodhulp na overstromingen, onderwijs, studie-beurzen. En het toerisme zorgt ook voor een steady instroom van geld. Angkor Wat trekt 3,5 miljoen bezoekers per jaar met Korea, Japan en China als leveranciers van de grootste groepen toeristen.

De tempels van Angkor Wat leverden bij ons een kleine tempelverslaving op. De kinderen konden er 2-3 per dag aan, maar ik had er nog wel meer willen zien. Gelukkig hadden we relatief koel weer in de ochtenden voor onze expedities en konden we 's middags lekker luieren bij ons hotelletje in het zonnetje. Een prima dagverdeling. De tempels zelf zijn ook redelijk kind-vriendelijk, als er tenminste niet net een buslading chinezen rond liep. Die vonden onze kinderen van tijd tot tijd interessanter dan de historie om hen heen. De tempels nodigen uit tot rondrennen, klauteren, spannende paadjes zoeken.





In de plaatselijke night market vooral veel meuk 'made in China', maar de werkplaatsjes die ook gekoesterd worden, hadden veel mooie souvenirs. Aardewerk, zijde, beeldjes. We hebben onze verzameling goed uitgebreid.

Voor ons bezoek aan Hoi An maakte ik me wat zorgen over onze timing. Want officieel is het regenseizoen nog niet afgelopen. In 1999 was ik ook in Hoi An. Toen was er een zware overstroming en konden we dagenlang het hotel niet uit. De overstromingen zijn een jaarlijks terugkerend verschijnsel, maar de bevolking blijft er onbekommerd onder. Het is wat het is. Alle spullen worden naar de eerste verdieping verhuisd en men zit de tijd gewoon uit. Het water zakt wel weer en de toeristen komen wel weer terug. Nu gelukkig geen overstromingen en droog en koel weer. Ideaal. Eindelijk weer eens slapen zonder airco. Verder is Hoi An wel veel drukker geworden, maar het oude centrum is in tact gebleven. Bovendien is alles auto vrij, om de toeristen de ruimte te geven. Ondanks alle toeristen, ook hier nog een heel goed beeld van het leven van de Vietnamezen. De vis- en groente markt. Het koken op straat. De lage stoeltjes waar iedereen op zit. Hier hebben we de night market overgeslagen, maar we hadden het heel druk met onze bezoekjes aan de kleermakers. We hebben zelfs op-maat-gemaakte schoenen gekocht. Ben benieuwd hoe lang ze het volhouden!




Met Eva kaart lezen!